Terug naar het beginscherm            
Actueel  >  Nieuws  >  Nieuwsberichten

Bijles

vrijdag 4 november 2016/Categorieën: Toelichting

De basisschool begint zo heerlijk zorgeloos. Je brengt je kind naar de plek waar het, op het plein en in de klas, veilig kan oefenen voor het leven buiten de muurtjes van de school; voor de echte wereld die wij de maatschappij noemen. 

Spelenderwijs maken zij zich de mores eigen: Hoe gaan we met elkaar om? Wat wordt van je verwacht? Intussen wordt het gereedschapskistje gevuld met kennis en vaardigheden op velerlei gebied. Alles lijkt min of meer soepel te gaan. Zolang je kind maar gelukkig is, toch? Beetje bij beetje vormt zich een persoon(tje) dat vrij en kritisch kan denken, dat inzicht krijgt in die mores en dat begrijpt wat de verwachtingen zijn. Naarmate de jaren op de basisschool verstrijken rammelt die echte wereld steeds duidelijker aan de deur. Onze kinderen worden groot en zijn zich bewust van de verwachtingen die de prestatiemaatschappij stelt. Ergens in dat proces begint de zoektocht naar balans tussen zorgeloos plezier en goed beslagen ten ijs komen.

Ons wordt vaak gevraagd of een leerling baat zou hebben bij buitenschoolse begeleiding. Een toelichting: 

Het zou zo moeten zijn dat het overgrote deel van de kinderen op de voor hem/haar meest geschikte plek terecht komt zonder al die buitenschoolse ondersteuning. Maar wat is de meest geschikte plek? Hoe ziet school dat? Hoe ziet u dat? En hoe kan je überhaupt voorspellen wat in de toekomst de  meest geschikte plek voor een kind zal zijn?

Het is onze taak als school om ouders steeds het gehele palet aan mogelijkheden voor te leggen. Dat doen wij dan ook. Daarmee is niet gezegd dat wij voor of tegen bijles zijn. Zo eenvoudig ligt dat niet. Het is aan de ouders te beslissen welk pad te bewandelen.  

Vanaf leerjaar zes kunt u met de leerkracht in gesprek over het huidige prestatieniveau en welk VO-niveau wij daaraan aan koppelen. Of de leerling daadwerkelijk uitstroomt op dat niveau is afhankelijk van de ontwikkeling die hij/zij nog zal doormaken. En die ontwikkeling is weer afhankelijk van vele factoren waar je niet altijd invloed op kunt hebben.

Ieder kind is gebaat bij aandacht en extra uitleg in een één op één situatie; dat is logisch. Wie maatwerk wil leveren – en dat willen wij - zal moeten toetsen om te zien waar de ontwikkelingsbehoefte van een leerling ligt. De toetsen van het leerlingvolgsysteem zijn ontwikkeld om te zien of de aangeboden stof in de tijd beklijft en of deze toegepast kan worden in een nieuwe context. Als de stof van die toetsen kort voor de afname getraind wordt en de context dus bekend is, kan een vertekend beeld ontstaan. Het kind haalt een mooie score en wij denken dat het kind de stof ruim voldoende beheerst. De inhoud van de leerlingvolgsysteemtoetsen en van de methodetoetsen staat voor jaren vast. Als een leerling op toetstraining zit, bijvoorbeeld om het vertrouwd met de vraagstelling te maken, bestaat de kansen dat wij hiaten bij deze kinderen niet signaleren. Wij zien de toets-trainingen om die reden met lede ogen aan en tegelijk begrijpen wij maar al te goed dat ouders soms de keuze voor training maken.

De vermarkting van het onderwijs is een gegeven. De prestatiemaatschappij rammelt aan de deur. Zoveel mensen, zoveel meningen. Vergeet daarbij ook vooral de mening van uw kind niet. Kinderen weten zelf vaak heel goed wat zij nodig hebben. Het is meer dan ooit lastig de balans te vinden en als ouder je eigen koers te varen in het leerproces van het kind. Wellicht helpt het te weten dat een kind tot leren komt als het gelukkig is, plezier heeft en de tijd krijgt te ontspannen . U weet als geen ander wat uw kind nodig heeft om tot leren te komen. Wij denken graag met u mee.